Wie ben je als alles wegvalt?

De laatste jaren valt het me op dat wij als Christenen heel goed kunnen praten over externe zaken. Zaken die niet per direct betrekking hebben op ons eigen leven, zaken die verder van ons af staan maar waar we wel onze energie in stoppen. Waarom is dat zo?

Een voorbeeld. Jaren geleden was ik betrokken bij het organiseren van interkerkelijke Bijbelstudie-avonden. De avonden werden druk bezocht. De onderwerpen waren met name gericht op de eindtijd en daar gingen dan ook veelal de gesprekken over. Er ging een golf van dispensationalisme over ons dorp. Iedereen had zijn of haar mening klaar over de eindtijd, grote schema’s werden uit de doeken gedaan en we waren er allemaal helemaal vol van.

Maar het begon steeds meer aan mij te knagen. Want we leven nú en niet straks. Onze toekomst is zeker, dat is waar, maar ons leven speelt zich toch nú af? Hoe moet ik vandaag Christen zijn? Hoe ziet het volgen van Jezus er vandaag uit in mijn gezin? In mijn rol als vader? Als werknemer? Als zoon en als broer van? Waar wordt de strijd eigenlijk gestreden? Is dat niet nú? Vandaag? Het gevoel bekruipt mij dat we in onze christelijke bubbel heel makkelijk en vol overgave over externe zaken kunnen praten, onderwerpen die nog in het verschiet liggen, situaties die letterlijk toekomstmuziek zijn. Maar wat over het nú?

Onze toekomst is zeker, dat is waar, maar ons leven speelt zich toch nú af?

Ook bemerkte ik dat als we het over dit soort zaken hadden er in een keer gebrokenheid te zien was. Het was allemaal niet zo rooskleurig en fantastisch als iedereen het deed voorkomen. Broeders en zusters worstelden met hun gebedsleven, verborgen zonden werden beleden en de moeiten van het leven gedeeld. Als we het daar over moeten hebben moeten we opeens over onszelf praten, onze struggles, onze strijd, onze verzoekingen en zonden. Hoe beïnvloedt ons Christenzijn dié gebieden?

Ook nu zie ik het weer gebeuren. Scrol maar eens door de Facebook- of Twitterfeed, kijk maar eens naar de artikelen en reacties op een platform als CIP.nl. Oh, wij als Christenen weten het allemaal zo goed. We weten precies aan te wijzen waar het bij een ander fout gaat, we weten van de hoed en de rand over dit onderwerp en over dat onderwerp. Niets gaat ons voorbij, meningen over politici en politieke besluiten zijn niet te tellen want iedereen zit op onze mening te wachten. Toch? Iedereen heeft een mening over letterlijk alles. Het is belangrijk dat je laat zien waar je voor staat, wie je bent, vooral online! Vergaar die likes, die volgers maar!

Maar stel nou dat we al die draadjes eens doorknippen. Het draadje van Sociale Media, het draadje van forums, WhatsApp- of Telegramgroepen, het draadje van de grote wereldgebeurtenissen, de nieuwswebsites, YouTube, Instagram, TikTok en ga zo maar door. Wat als je werk wegvalt? Je bonussen? De waardering van je collega’s? Je gehaalde targets? Je financiële zekerheid? Je vakanties? Je huis? Wat blijft er dan nog van je over? Wie ben je dan als alles wegvalt? Wat blijft er van je over als al die randzaken weggeknipt worden en je met jezelf opgescheept zit in de rotzooi van het leven? Als de werkelijkheid zich als een modderstroom aan je opdringt en je die niet kunt ‘wegswipen’? Wat blijft er dan over? Dan wordt het stil.

Wat blijft er van je over als al die randzaken weggeknipt worden en je met jezelf opgescheept zit in de rotzooi van het leven?

Wie ben je eigenlijk als je alleen bent? Denk je daar wel eens over na? Zodra we met anderen te maken hebben verschuilen we ons vaak achter een rol die we aannemen. Maar snijd dat allemaal eens weg, wees eens alleen, wees eens stil, laat al die andere stemmen eens zwijgen. Doe eens niets, praat eens niet over externe zaken. Wie ben je dan? Wat ben je dan?

‘Ongezonde introspectie!’ hoor ik iemand roepen. Hups, daar gaan we weer. Gelijk weer een oordeel klaar, komt gelijk weer het beter weten om de hoek kijken. Koest! Wees eens stil, houd je mening eens voor je en spiegel jezelf. Wie ben je als niemand kijkt, als niemand je ziet?

Alhoewel, niemand? Wellicht dat we in dat moment van stilte eens kunnen mediteren op het feit dat juist hier Iemand ons ziet. Dat we nooit alleen zijn, maar juist volledig zijn in de aanwezigheid van de Allerhoogste, de Ik ben. Hij kent mij, Hij kent jou en voor Hem is niets verborgen. Pas in de stilte zal Hij spreken en kan onze ziel gevoed worden met het goede van Hem. Dan pas komt aan het licht waar je staat ten opzichte van Hem.

Wie ben jij als alles wegvalt?